Zandmaatschappij Twenthe BV 

Kanaalstraat 12
7553 GP Hengelo (Ov.)
Postbus 524
7550 AM Hengelo (Ov.)
tel.: 074 - 2493388
fax: 074 - 2503423
e-mail: info@zandmij.nl

 

Producten Logistiek Kwaliteit Contact Agar Groep
         
 Home

Logistiek
 Scheepvaart
  Autotransport

  Werven
  Diensten

 

 


Logistiek - Scheepvaart - Scheepsafvalstoffenverdrag

Het Scheepsafvalstoffenverdrag en de levering van bouwgrondstoffen
Het Scheepsafvalstoffenverdrag (SAV) is een overeenkomst tussen de Benelux-landen, Duitsland, Frankrijk en Zwitserland, waarin de landen onderlinge afspraken hebben gemaakt over hoe er in de binnenvaart moet worden omgegaan met olie- en vethoudende afvalstromen, waswater, ladingresten, slops, huishoudelijk afvalwater, huisvuil en klein gevaarlijk afval. Voor Nederland is het verdrag uitgewerkt in het Scheepsafvalstoffenbesluit Rijn- en binnenvaart (SB). Het verdrag is op 1 november 2009 in werking getreden.

De uitvoeringsregeling
De uitvoeringsregeling van het verdrag bestaat uit de volgende drie delen:
Deel A: olie- en vethoudende afvalstoffen;
Deel B: Ladingrestanten;
Deel C: Overige afvalstoffen.

Voor de levering van bouwgrondstoffen is deel B van belang.

Deel B: Ladingrestanten
Bij het lossen van schepen ontstaan ladingresten die in het laadruim achterblijven na het lossen. De hoeveelheid ladingrest die ontstaat, is afhankelijk van de loswijze en vaak ook van de waarde van de lading. Het verdrag heeft tot doel de hoeveelheid ladingresten en overslagresten (mors) die bij het lossen ontstaan tot een minimum te verminderen.

Het verdrag regelt dat scheepsruimen moeten worden nagelost en dat de ladingontvanger de restlading en de overslagresten in ontvangst moet nemen.
Op basis van de stoffenlijst van het SB kan worden aangenomen dat schepen die bouwgrondstoffen gelost hebben, in het algemeen ‘bezemschoon’ moeten worden opgeleverd. Dit is in de praktijk de ‘losstandaard: bezemschoon laadruim’ . Dit betekent dat het laadruim (handmatig of mechanisch) moet worden schoongeveegd en dat deze lading aan de (eerder geloste) lading moet worden toegevoegd.
De losstandaard ‘vacuümschoon laadruim’ is van toepassing op het vervoer van poederachtige stoffen als cement, kalk en gips. In het kader van een overgangsperiode mag deze losstandaard, voor een periode van vijf jaar, de losstandaard ‘bezemschoon laadruim’ worden toegepast.

Dat wat na het vegen nog in het ruim over blijft, wordt de ladingrest genoemd. Deze ladingrest mag voor de meeste bouwgrondstoffen met het waswater overboord. Voor enkele industriële bouwstoffen gelden aanvullende bepalingen, ten aanzien van het lozen van het waswater.

Losverklaring
Ieder schip dat binnen het verdragsgebied is gelost moet een geldige losverklaring aan boord hebben. De losverklaring is een overeenkomst tussen de ontvanger of de exploitant en de schipper over de staat van oplevering van het schip.

Eenheidstransporten
Schepen die voor dezelfde afzender eenheidstransporten uitvoeren zijn vrijgesteld van de schoonmaakplicht, mits ze een verklaring van eenheidstransport aan boord hebben. Dit is een door de opdrachtgever van het transport, veelal de ontvanger, ondertekende verklaring.
Aan het einde van het eenheidstransport moet weer een losverklaring worden opgesteld.

Alle informatie omtrent de werking van het SAV is samengevat in het 'Handboek SAV', hieronder te downloaden.
Handboek
Besluiten
Modellosverklaring (Nederlands)
Modellosverklaring / Entladebescheinigung (Deutsch)